De invloed van neurotransmitters en voeding op mentale gezondheid
Al jarenlang wordt ons geleerd dat onze gedachten, emoties en gedragingen worden beïnvloed door biologische, psychische en sociale aspecten. De neurotransmittertheorie speelt al sinds 1950 een belangrijke rol in de diagnostiek bij mentale stoornissen.
En op deze manier wordt er ook een diagnose gesteld. Je krijgt eerst een intake waarbij er vragen worden gesteld over je symptomen, maar ook over je verleden, traumatische gebeurtenissen, ziekten in de familiegeschiedenis, je eigen medische geschiedenis, relaties, werk en omgeving. Zo wordt er een beeld verkregen van je leven en gekeken waar jouw klachten vandaan zouden kunnen komen.
Op basis daarvan wordt er in de DSM gekeken of jouw klachten passen binnen een diagnostisch plaatje. Vervolgens kan er een diagnose worden gesteld. De DSM zegt verder niets over de behandeling die daarbij hoort.
De behandeling wordt meestal opgesteld op basis van je klachten en je verhaal. Vaak volgt dan medicatie en een vorm van therapie. Wat de klachten ook zijn, het gehoord, gezien en begrepen worden is vaak al zeer waardevol en helpend. Maar waar de klachten precies vandaan komen, blijft vaak gissen.
Er wordt gesproken over neurotransmitters die uit balans zijn. Deze zouden dan met medicatie moeten worden aangevuld. De verstoring ontstaat bijvoorbeeld door langdurige stress of bepaalde ervaringen. Ieder mens is anders in gevoeligheid voor stress en in de aanmaak van neurotransmitters. Toch kunnen we deze neurotransmitters niet meten, want het brein heeft een eigen circulair systeem. We hopen dus maar dat de behandeling aansluit.
Medicatie kan heel helpend zijn, maar gaat ook vaak gepaard met bijwerkingen zoals vervlakking, moeheid, overmatig zweten, gewichtstoename, hart- en vaatziekten en diabetes type 2.
De rol van neurotransmitters is groot en ze beïnvloeden ons psychisch welbevinden. Maar wat als we teruggaan naar de échte oorzaak van het uit balans raken van neurotransmitters?
De werkelijke oorzaak: laaggradige ontsteking en voeding
We zien een verdubbeling van chronische ziekten én van mentale stoornissen. Dat is geen toeval. Ze hebben vaak een gemeenschappelijke oorzaak: laaggradige ontstekingen, oxidatieve stress en insulineresistentie.
Het is normaal dat deze processen af en toe optreden; ze activeren immers ons immuunsysteem. Maar een voedingspatroon dat rijk is aan bewerkt voedsel zorgt voor een chronische overbelasting, met als gevolg blijvende ontstekingen, oxidatieve stress en insulineresistentie.
Onderzoek laat zien dat bewerkt voedsel een verstorend effect heeft op onze neurotransmitters. Cellen hebben goede voeding nodig om te kunnen functioneren. Waarom zou dat voor hersencellen anders zijn?
In de programma’s van breininstituut gaan we daar dieper op in.
Voeding als bron van neurotransmitters
Neurotransmitters worden gevormd uit goede voeding en een gezond darmmicrobioom. Wat we eten heeft een direct effect op onze breingezondheid, het functioneren van onze hersenen, de aanmaak van stresshormonen en de energievoorziening van ons brein.